
| << terug | naar de gedichten >> |
| Johanna Schouten-Elsenhout ( 1910-06-11 - 1992-06-23 ) SUR | |
|
Johanna Isidoro Eugenia Schouten-Elsenhout, in de volksmond ook wel 'Tante Jo' genoemd, was dochter van Gerada Rosalia Triel en Johan Alexander Elsenhout. Zij bezocht de Louiseschool te Paramaribo en begon als autodidact al op jonge leeftijd met het schrijven van gedichten. Toch werd ze pas op haar 48e ontdekt als dichteres. Het radioprogramma 'Nanga Opo Doro' deed in 1958 een oproep voor gedichten waarop mevrouw Schouten-Elsenhout het gedicht 'Kotomisi' opstuurde. Zij was uniek omdat vrouwen toen geen proza of poëzie schreven. Bovendien schreef zij uitsluitend in het Sranan wat zeer ongebruikelijk was. Mevrouw Schouten-Elsenhout was een fervent beschermster van de Surinaamse taal en het cultureel erfgoed. Als alleenstaande moeder wist zij uit ervaring hoe moeilijk veel vrouwen uit de creoolse volksklasse het hadden en daarom was ze solidair met de creoolse vrouwenbeweging. Zij debuteerde na haar vijftigste in het tijdschrift in het tijdschrift Soela (1962) en kwam vervolgens met twee poëziebundels in het Sranan: Tide ete (Vandaag nog, 1963) en Awese (Begeesterd, 1965). Van een aantal gedichten bezorgde Jan Voorhoeve een Nederlandse vertaling in Surinaamse gedichten (1973), andere gedichten verschenen in vertaling in 1995 in de Spiegel van de Surinaamse poëzie. Belangrijk is haar verzameling odo’s Sranan pangi (Surinaamse omslagdoek, 1974). In datzelfde jaar won zij een literatuurprijs voor haar in het Duits en Russisch vertaald gedicht Soso Skin (Naakt). Ook buiten de Surinaamse grenzen verwierf ze bekendheid. De 'Grandma moses of Creole Literature' droeg haar gedichten o.a. voor in Nederland, Berlijn en Moskou. In 1987 werd zij door de president van Suriname benoemd tot Ridder in de Orde van de Gele Ster en op haar 80e verjaardag werd zij door de Nationale Vrouwenbeweging gehuldigd. Sinds juni 1992 is er in Suriname de Johanna Schouten-Elsenhout Vrouwenbibliotheek en documentatiecentrum. In 1999 droeg Hilary Rodham Clinton tijdens haar toespraak op de IPDC bevolkingsconferentie in Den Haag het gedicht Uma (Vrouw) van mevrouw Elsenhout voor. De gedachtenbank bevat een keuze van haar gedichten uit: Extra info: wikipedia, www.dbnl.org |
|








